Home
Nationale Senioren Barometer 2009 Afdrukken E-mailadres

Onderdeel 1: Mening over de overheid

Inleiding

In veel (opinie)onderzoek zijn ouderen een ondervertegenwoordigde groep. Speciaal hiervoor is de Nationale Senioren Barometer ontwikkeld. De Barometer geeft speciaal aandacht aan de mening van ouderen. De ouderen zelf komen aan het woord.

Dit is een samenvatting van een deel van de resultaten van de Nationale Senioren Barometer 2009.

Met de Nationale Senioren Barometer 2009 wordt de mening van de Nederlandse ouderen over vele verschillende aspecten van het leven door middel van een lange vragenlijst in kaart gebracht. Gezien de omvang van het onderzoek maken we de resultaten per thema bekend.

Dit eerste onderdeel geeft de mening weer van ouderen over de Nederlandse overheid en het regeringsbeleid. Meer dan 2000 ouderen hebben in december 2009 en januari 2010 aan dit onderzoek meegedaan. Deze rapportage is gebaseerd op gegevens van 1951 ouderen ouder dan 55 jaar. De oudste deelnemer is 95 jaar. De enquête is via internet afgenomen.

De hier gepresenteerde cijfers zijn representatief voor de Nederlandse bevolking vanaf 55 jaar. Om te corrigeren voor verschillen tussen de kenmerken van de onderzochte groep en de totale groep Nederlandse ouderen heeft een herweging plaatsgevonden naar geslacht, leeftijd en opleidingsniveau.

Wij hebben ook onderzocht of er belangrijke verschillen zijn in opvattingen tussen mannen en vrouwen, ouderen van verschillende leeftijden en ouderen met een verschillend opleidingsniveau. Als belangrijke verschillen zijn gevonden is dit aangegeven.

De Nationale Senioren Barometer 2009 is een initiatief van de bijzondere leerstoel ouderenbeleid van het departement Tranzo, Universiteit van Tilburg. Prof. dr. René Schalk leidt het onderzoek. Voorname doelen zijn het in kaart brengen van de mening van ouderen op verschillende (maatschappelijke) terreinen en deze informatie zo breed mogelijk te verspreiden. De gegevens worden ook gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek, bijvoorbeeld om factoren te vinden die succesvol ouder worden bevorderen. De resultaten worden gratis beschikbaar gesteld aan eenieder die geïnteresseerd is in de 50+ doelgroep.

Gegevens uit dit onderzoek mogen worden overgenomen indien voorzien van bronvermelding (Prof. dr. René Schalk en www.seniorenbarometer.nl). Graag willen we u vragen indien u gegevens overneemt ons hiervan op de hoogte stellen.

 

 

Prof. dr. René Schalk & Bijzondere leerstoel ouderenbeleid, Tranzo, Universiteit van Tilburg

Correspondentieadres:
Nationale Senioren Barometer 2009, Universiteit van Tilburg, Faculteit Sociale Wetenschappen
Prof. Dr. René Schalk, Postbus 90153, 5000 LE Tilburg.

Tel. 013-4662368, e-mail: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

Rapportage deel 1: Mening over de Overheid

Inhoudsopgave

1. Samenvatting

2. Samenstelling deelnemersgroep

3. Vertrouwen in de regering en de overheid

4. Tevredenheid over het regeringsbeleid

5. Wat zijn volgens ouderen de belangrijkste thema’s voor het regeringsbeleid?

6. De vergrijzing en het regeringsbeleid

7. Communicatie van de overheid

8. Conclusies en discussie

1. Samenvatting

Bijna 2000 55-plussers hebben eind 2009-begin 2010 hun mening gegeven over de overheid en de onderwerpen die volgens hen prioriteit moeten krijgen in het regeringsbeleid.

De gewogen cijfers zijn representatief voor de Nederlandse ouderen van 55 jaar en ouder en laten het volgende zien.

Wat het regeringsbeleid van de huidige regering betreft zijn de ouderen het minst tevreden over het beleid op het gebied van criminaliteit, integratie en immigratie, openbare veiligheid en de relatie burger – overheid. Over geen van de onderdelen van het regeringsbeleid zijn ouderen echt tevreden. Het meest tevreden zijn ouderen relatief gezien over het regeringsbeleid ten aanzien van de sociale zekerheid, onderwijs en kennis en zorg en welzijn. Naarmate mensen ouder zijn is hun mening over het regeringsbeleid positiever. Het gemiddelde rapportcijfer dat de ouderen geven voor het regeringsbeleid is een 5.4.

De vijf thema’s waar de regering volgens de ouderen het meeste prioriteit aan zou moeten geven zijn criminaliteit (71.6% van de ouderen noemt dit), betere ouderenzorg (53.7%), bestrijding topinkomens (41.1%), verbeteren normen en waarden (38.4%) en wachttijden in de zorg (37.6%). Deze thema’s kwamen ook in 2008 al als het meest belangrijk naar voren. Opvallend is wel dat bij criminaliteit een flinke stijging te zien is, in 2008 door 50% van de ouderen genoemd, en nu door meer dan 70%.

De vijf meest genoemde thema’s waar de regering volgens de ouderen prioriteit aan zou moeten geven in verband met de vergrijzing zijn meer personeel in de zorg (48.5% van de ouderen noemt dit), goed openbaar vervoer ( 43.6%), versterken van de thuiszorg (43%), verbeteren van de kwaliteit van de zorg (40.3%), en een prettige en veilige woonomgeving (33.6%).

Veertig procent van de ouderen heeft geen vertrouwen in de regering. Een groot gedeelte van de ouderen voelt zich helemaal niet of nauwelijks vertegenwoordigd door de huidige regering. Ouderen hebben wel veel vertrouwen in andere instanties en groepen zoals de brandweer en huisartsen. Opvallend is dat vrouwen meer vertrouwen hebben in de politie dan mannen. Verder geldt: hoe ouder hoe meer vertrouwen men heeft.

Wat de mening over de communicatie van de overheid betreft zitten de ouderen bij alle vragen meer aan de negatieve kant dan aan de positieve kant. De overheid scoort volgens de ouderen vooral slecht op de volgende punten: de overheid staat open voor mijn ideeën(62.8% oneens), de overheid reageert snel op mijn vragen en commentaren(59.7% oneens), en de overheid doet haar best mij te betrekken bij het maken van haar plannen(62.8% oneens). De overheid scoort beter op: de overheid maakt het mij gemakkelijk informatie te vinden(21.3% eens), de overheid informeert mij actief over belangrijke zaken(13.5% eens) en d overheid doet haar best de informatie zo begrijpelijk mogelijk te maken(18.5% eens). Hoe ouder men is, hoe positiever men is over de communicatie van de overheid

2: Samenstelling deelnemersgroep

Wat is uw geslacht?

Vrouw

38.6%

Man

61.4%

Wat is uw leeftijd?

55-65

34.2%

65-75

38.8%

>75

27.0%

Wat is uw hoogste met diploma afgesloten opleiding?

Lagere school met enig vervolgonderwijs zonder diploma

13.4%

Lager Beroepsonderwijs

21.4%

Middelbaar beroepsonderwijs/MAVO/MULO/HAVO/VWO

38.4%

Hoger Beroepsonderwijs

20.7%

Universitair

6.1%

Toelichting samenstelling deelnemersgroep

- Er hebben meer mannen dan vrouwen meegedaan aan het onderzoek;

- De ouderen zijn goed verdeeld over de leeftijdscategorieën;

- Er is een behoorlijke spreiding van het opleidingsniveau.

Om de cijfers representatief te maken voor de Nederlandse bevolking boven de 55 jaar heeft een weging plaatsgevonden.

3: vertrouwen in de regering en overheid

In welke mate voelt u zich vertegenwoordigd door de huidige regering?

Helemaal niet

13.7

Nauwelijks

41.9

neutraal

23.8

redelijk

18.7

Helemaal wel

1.8

Significant verschil in

-Leeftijd

-opleiding

Komt tot uiting in:

- Hoe ouder hoe meer men zich vertegenwoordigt voelt.

-Hoe hoger de opleiding hoe meer vertegenwoordigd ze zich voelen


In hoeverre heeft u vertrouwen in de regering?

geen

6.9

weinig

33.8

neutraal

23.9

redelijk

33.1

veel

2.3

Significant verschil in

-Leeftijd

-opleiding

Komt tot uiting in:

- Hoe ouder hoe meer vertrouwen

-Hoe hoger de opleiding hoe meer vertrouwen

Toelichting vertegenwoordiging regering en vertrouwen

- Een groot gedeelte van de ouderen voelt zich helemaal niet of nauwelijks vertegenwoordigd door de huidige regering.

- Hoe ouder men is, hoe meer men zich vertegenwoordigd voelt.

- Hoe hoger de opleiding, hoe meer men zich vertegenwoordigd voelt.

- 40% van de ouderen heeft geen vertrouwen in de regering.

- Hoe ouder hoe meer vertrouwen

- Hoe hoger de opleiding hoe meer vertrouwen

Vertrouwen in (semi)overheidsinstanties

Geen

Weinig

Neutraal

Redelijk

veel

Komt tot uiting in:

politie

2.6%

17.1%

27.1%

47.6%

5.7%

- mannen minder vertrouwen dan vrouwen.

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

-Hoe hoger opgeleid hoe meer vertrouwen

rechters

5.1%

20.0%

30.0%

35.5%

9.3%

- mensen boven 75 meeste vertrouwen. Daaronder geen lineair verband.

-Hoe hoger opgeleid hoe meer vertrouwen

brandweer

0.4%

0.4%

11.1%

44.7%

43.3%

Hoe hoger opgeleid hoe meer vertrouwen

huisartsen

0.7%

2.9%

9.5%

43.9%

43.1%

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

leraren

0.7%

5.1%

4.5%

45.6%

8.1%

Hoe hoger opgeleid hoe meer vertrouwen

thuiszorg

1.9%

15.1%

33.2%

40.2%

9.5%

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

gemeente

3.5%

21.5%

31.8%

39.7%

3.4%

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

Medische specialisten

0.7%

3.5%

17.3%

54.2%

24.2%

55-65 minste vertrouwen, daarna gelijk.

zorgverzekeraars

2.8%

16.4%

32.1%

40.9%

7.9%

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

-Hoe hoger opgeleid hoe minder vertrouwen

belastingdienst

3.2%

10.9%

36.6%

41.5%

7.8%

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

-Alleen universitair meer vertrouwen, de rest is gelijk.

De sociale dienst

3.6%

12.7%

51.8%

28.7%

3.3%

-Hoe ouder, hoe meer vertrouwen

 

Toelichting vertrouwen in groeperingen

- Ouderen hebben veel vertrouwen in de brandweer en huisartsen

- Vrouwen hebben meer vertrouwen in de politie dan mannen.

- Bij de vragen waar een significant verschil te zien is met betrekking tot leeftijd geldt: hoe ouder hoe meer vertrouwen men heeft in de groeperingen.

4: Tevredenheid over het regeringsbeleid

Hoe tevreden bent u met het regeringsbeleid als het gaat om de volgende onderwerpen.

Zeer ontevre-den

Ontevre-den

Neutraal

tevreden

Zeer tevreden

Verschillen

Criminaliteit

25.9

45.7

17.0

7.0

0.1

Hoe hoger de opleiding, hoe meer tevreden

Economie en werkgelegen-heid

5.1

26.2

47.3

16.5

0.4

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

- mannen meer tevreden dan vrouwen;

-Hoe hoger de opleiding, hoe meer tevreden

Europa en internationaal beleid

8.2

23.7

46.7

16.7

0.3

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

- Hoe hoger de opleiding, hoe meer tevreden

Financiën en koopkracht

7.7

30.0

40.1

17.5

0.2

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

- mannen meer tevreden dan vrouwen;

- Hoe hoger de opleiding, hoe meer tevreden

Integratie en immigratie

21.4

35.4

30.1

8.5

0.2

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

-Hbo/wo hoogste scores, bij overige drie schommelt het.

Natuur en milieu

6.6

23.8

45.8

19.1

0.3

- hoe ouder, hoe meer tevreden.

Onderwijs en kennis

5.6

24.0

45.6

20.0

0.3

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

-Hbo/wo laagste scores, bij overige drie schommelt het.

Openbare veiligheid

12.3

38.5

30.0

14.6

0.2

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

- vrouwen meer tevreden dan mannen;

-HBO/WO hoogste scores, bij overige 3 schommelt het.

Relatie burger overheid

10.9

34.9

40.9

8.8

0.2

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

- vrouwen meer tevreden dan mannen;

-WO hoogste score, daarna lager beroepsonderwijs. Overige 3 gelijk.

Sociale zekerheid

8.7

23.5

41.2

21.3

1.0

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

-HBO/WO hoogste scores, bij overige 3 schommelt het.

Verkeer en vervoer

7.7

27.2

39.9

20.4

0.4

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

Zorg en welzijn

8.5

27.3

36.1

22.5

1.2

- hoe ouder, hoe meer tevreden;

-Hoogste lager beroepsonderwijs. Overige gelijk

De vier onderwerpen waarover ouderen het meest ontevreden zijn:

Toelichting tevredenheid met het regeringsbeleid:

- Ouderen zijn het minst tevreden over criminaliteit, integratie en immigratie, openbare veiligheid en de relatie burger - overheid (respectievelijk 71.6 procent, 56.8 procent, 50.8 procent en 45.8 procent ontevreden);

- Hoe ouder men wordt hoe meer men doorgaans tevreden is over het regeringsbeleid;

- Over geen van de onderdelen van het regeringsbeleid zijn ouderen echt tevreden. Het meest tevreden zijn ouderen relatief gezien over het regeringsbeleid ten aanzien van de sociale zekerheid, onderwijs en kennis en zorg en welzijn.

Rapportcijfer regeringsbeleid

Noteer hier het rapportcijfer dat u geeft aan onze regering voor haar beleid to nu toe. Gebruik een cijfer tussen de 1 en 10 waarbij een 1 staat voor ‘erg slecht’ en een 10 voor ‘uitstekend’.

Totaalcijfer

5.4

Toelichting rapportcijfer huidige regering

- Het rapportcijfer is verschillend voor ouderen met een verschillende opleiding en leeftijd;

- Mensen met lagere school en enig vervolgonderwijs zonder diploma geven het laagste cijfer (5.1);

- Mensen tussen de 55-65 geven het laagste rapportcijfer (gem. 5.1);

- Mensen ouder dan 75 geven gemiddeld het hoogste rapportcijfer (5.8);

- Vergeleken met 2008 is het gemiddelde totaalcijfer met 0.4 omhoog gegaan.

5: Wat zijn volgens ouderen de belangrijke thema’s voor het regeringsbeleid?

Wat zijn de belangrijkste thema's waaraan de regering prioriteit moet geven?

Genoemd door (procent)

Verschillen

Bescherming van de privacy

16.0

Hoe ouder men wordt hoe minder men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

Wachttijden in de zorg

37.6

Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Verhoging van de pensioenleeftijd

3.2

Geen verschil

Meer huurwoningen

13.9

Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Verbeteren dienstverlening overheid

14.3

-Hoe hoger de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

- Hoe ouder men wordt hoe minder men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

Verbeteren van het onderwijs

32.4

Hoe hoger de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Vergroten van het welzijn

12.5

-Hoe hoger de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

- Hoe ouder men wordt hoe minder men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

Meer koopwoningen bouwen

1.2

-Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

- Hoe ouder men wordt hoe minder men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

Bestrijding van files

12.1

Geen verschil

Bestrijding criminaliteit

61.1

-Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

-Meer mannen dan vrouwen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Bestrijding terrorisme

22.5

-Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

- Hoe ouder men wordt hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

Terugdringen immigratie

26.6

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

-Meer mannen dan vrouwen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Bestrijding opwarming aarde

13.8

Hoe hoger de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Verbeteren normen en waarden

38.4

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

-Meer mannen dan vrouwen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Betere ouderenzorg

53.7

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

-Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Meer natuurgebieden behouden

15.2

- Hoe ouder men wordt hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

-Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Verminderen overheidstekorten

13.2

- Hoe hoger de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

-Meer mannen dan vrouwen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Afschaffen hypotheekrenteaftrek

9.9

- Hoe ouder men wordt hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

-Meer mannen dan vrouwen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Emancipatie van vrouwen

4.0

Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Vergroten rol van Nederland in de wereld

1.9

Geen verschil

Bestrijding topinkomens

41.1

Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Vergroten van sociale zekerheid

21.6

- Hoe ouder men wordt hoe minder men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet verlenen.

Bestrijding islamisering van samenleving

27.5

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

-Meer mannen dan vrouwen vinden dat de regering hier prioriteit aan moet geven.

Hieronder staan de vijf thema’s waar volgens ouderen de regering prioriteit aan dient te geven:

 

Toelichting belangrijke thema’s regeringsbeleid

 

- De vijf thema’s waar de regering volgens de ouderen het meeste prioriteit aan zou moeten geven zijn:

Criminaliteit 71.6% an de ouderen noemt dit.

Betere ouderenzorg 53.7%

Bestrijding topinkomens 41.1%

Verbeteren normen en waarden 38.4%

Wachttijden in de zorg 37.6%

- Deze thema’s kwamen ook in 2008 als het meest belangrijk naar voren. Opvallend is wel dat bij criminaliteit een flinke stijging te zien is, in 2008 door 50% van de ouderen genoemd, en nu door meer dan 70%.

- Hoe hoger de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering prioriteit moet geven aan het onderwijs.

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering prioriteit moet geven aan de bestrijding van criminaliteit.

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering prioriteit moet geven aan betere ouderenzorg.

- Meer vrouwen dan mannen vinden dan de regering prioriteit moet geven aan bestrijding van topinkomens.

- Hoe lager de opleiding, hoe meer men vindt dat de regering prioriteit moet geven aan de bestrijding van de islamisering van de samenleving.

6: Vergrijzing en regeringsbeleid

Waaraan moet de overheid de komende jaren aandacht besteden als het gaat om de gevolgen van de vergrijzing?

Genoemd door (procent)

verschillen

Meer aangepaste woningen voor ouderen

26.2

-Hoe lager opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

- Hoe ouder hoe meer voor deze optie is gekozen.

Armoedebestrijding

30.5

-Hoe lager opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

Verbeteren van de kwaliteit van de zorg die nodig is voor de gezondheid van ouderen

40.3

- Hoe ouder hoe meer voor deze optie is gekozen.

Meer kansen op een baan voor 45?plussers

24.6

Hoe hoger opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

- Hoe jonger hoe meer voor deze optie is gekozen.

Mantelzorg stimuleren, bijvoorbeeld door zorgers de mogelijkheid te bieden minder te kunnen gaan werken zonder verlies van salaris

17.7

- Hoe jonger hoe meer voor deze optie is gekozen.

Meer mogelijkheden om een stapje terug te doen op het werk

11.7

- Hoe jonger hoe meer voor deze optie is gekozen.

-meer mannen dan vrouwen hebben gekozen voor deze optie.

Verminderen kosten van de gezondheidszorg

30.4

Hoe lager opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

Meer personeel in de zorg

48.5

-meer vrouwen dan mannen hebben gekozen voor deze optie.

Financiering van de AOW

19.8

- Hoe jonger hoe meer voor deze optie is gekozen.

Investeren in een prettige en veilige woonomgeving voor ouderen

33.6

Hoe lager opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

Thuiszorg versterken

43

Geen verschil

Bevorderen solidariteit tussen generaties (jong en oud)

20

Hoe hoger opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

Actief laten blijven van ouderen, bijvoorbeeld in vrijwilligerswerk

19.3

-meer mannen dan vrouwen hebben gekozen voor deze optie.

Efficiënter organiseren van de zorg

33.3

-Hoe hoger opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

- Hoe ouder hoe meer voor deze optie is gekozen.

Goed openbaar vervoer

43.6

- Hoe ouder hoe meer voor deze optie is gekozen.

Investeren in het voorkómen van ziekten

12.4

Geen verschil

Meer hulp op afstand met informatietechnologie en internet

7.1

Hoe hoger opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

Meer onderlinge solidariteit in de buurt

8.2

Geen verschil

Makkelijker maken dat ouders bij de kinderen kunnen blijven wonen

6.3

-meer vrouwen dan mannen hebben gekozen voor deze optie.

investeren in het voorkómen van ziekten

12.2

Geen verschil

Door kunnen blijven werken na 65 jaar

7.7

Hoe hoger opgeleid hoe meer voor deze optie is gekozen.

Ouderen mee laten betalen aan de AOW

2.5

Geen verschil

De ouderen geven aan dat met het oog op de vergrijzing aan de onderstaande vijf thema’s de hoogste prioriteit dient te worden gegeven:

Toelichting vergrijzing en regeringsbeleid

- De vijf meest genoemde thema’s waar de regering volgens de ouderen prioriteit aan zou moeten geven in verband met de vergrijzing zijn:

Meer personeel in de zorg 48.5%

Goed openbaar vervoer 43.6%

Versterken thuiszorg 43%

Verbeteren kwaliteit van de zorg 40.3%

Een prettige en veilige woonomgeving 33.6%

- Hoe ouder men is, hoe meer men vindt dat de regering de komende jaren, op het gebied van vergrijzing, meer aandacht moet besteden aan het verbeteren van de kwaliteit van de zorg die nodig is voor de gezondheid van ouderen.

- Meer vrouwen dan mannen vinden dat de regering de komende jaren, op het gebied van vergrijzing, aandacht moet besteden aan het feit dat er meer personeel in de zorg moet komen.

- Hoe lager men is opgeleid, hoe meer men vindt dat de regering de komende jaren, op het gebied van vergrijzing, meer aandacht moet besteden aan investeringen in een prettige en veilige woonomgeving voor ouderen.

- Hoe ouder men is, hoe meer men vindt dat de regering de komende jaren, op het gebied van vergrijzing, meer aandacht moet besteden aan het efficiënter organiseren van de zorg.

- Hoe ouder men is, hoe meer men vindt dat de regering de komende jaren, op het gebied van vergrijzing, meer aandacht moet besteden aan goed openbaar vervoer.


7: communicatie overheid

Wat vinden de ouderen van de manier van communiceren van de overheid?

Kunt u per onderstaande stelling, over de manier waarop de overheid met u communiceert, aangeven in hoeverre u het eens bent met de stelling?

Helemaal oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Helemaal mee eens

Komt tot uiting in:

De overheid informeert mij volledig

10.9

37.0

39.0

10.5

0.1

Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

De overheid informeert mij tijdig

8.0

35.7

39.4

14.2

0.3

Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

De overheid geeft eerlijke informatie

11.2

33.4

41.3

11.2

0.3

Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

De overheid maakt het mij gemakkelijk informatie te vinden

5.9

28.6

41.7

20.9

0.4

Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

De overheid informeert mij actief over belangrijke zaken

7.0

33.6

43.3

13.1

0.4

-Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

- hoe hoger de opleiding hoe hoger(positiever) de score.

De overheid doet haar best de informatie zo begrijpelijk mogelijk te maken

11.0

33.1

35.1

17.6

0.7

- hoe hoger de opleiding hoe hoger(positiever) de score.

De overheid doet haar best mij te betrekken bij het maken van haar plannen

20.2

42.6

28.8

5.8

0.1

-Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

- hoe hoger de opleiding hoe hoger(positiever) de score.

De overheid staat open voor mijn ideeën

22.0

40.8

32.8

1.9

0.1

Hoe ouder, hoe hoger de score (dus hoe ouder, hoe positiever)

De overheid reageert snel op mijn vragen en commentaren

22.9

36.8

35.6

2.1

0.1

Geen verschil

Toelichting communicatie overheid

- Bij alle vragen zitten de respondenten meer aan de negatieve kant dan aan de positieve kant.

- De drie stellingen waarop het slechtst gescoord is zijn:

o De overheid staat open voor mijn ideeën(62.8% oneens);

o De overheid reageert snel op mijn vragen en commentaren(59.7% oneens);

o De overheid doet haar best mij te betrekken bij het maken van haar plannen(62.8% oneens).

- De drie stelling waarop het ‘beste’ is gescoord zijn:

o De overheid maakt het mij gemakkelijk informatie te vinden(21.3% eens);

o De overheid informeert mij actief over belangrijke zaken(13.5% eens);

o De overheid doet haar best de informatie zo begrijpelijk mogelijk te maken(18/5% eens).

- Hoe ouder men is, hoe positiever men is over de communicatie van de overheid.

- Op de vragen waarin een significant verschil te zien is met betrekking tot opleiding geldt: hoe hoger de opleiding hoe positiever de score.


8. Conclusies en discussie

De zeven belangrijkste conclusies uit onderdeel 1, mening over de overheid van de Nationale Senioren Barometer 2009 zijn:

1) Ouderen voelen zich niet vertegenwoordigd door de overheid.

Er is een algemene trend in Nederland dat de kloof tussen regering en bevolking steeds groter wordt. Dat dit ook geldt voor de ouderen is een zorgelijke ontwikkeling. Er zijn wel mogelijkheden om deze kloof te verminderen. Betere overheidscommunicatie en meer aandacht voor de specifieke wensen van ouderen zou de kloof tussen burger en politiek kunnen verkleinen.

2) 40% van de ouderen heeft geen vertrouwen in de regering. Hoe ouder men is, hoe meer vertrouwen men heeft in de huidige regering. Hoe hoger opgeleid men is, hoe meer men vertrouwen heeft in de huidige regering.

Het in Nederland groeiende wantrouwen in de overheid dringt steeds meer door, nu ook tot de oudere Nederlanders. Dat is een bijzonder zorgelijke tendens. De ‘echte’ ouderen worden gezien als traditioneel en gezagsgetrouw, vasthoudend aan de traditionele instituten. Het is inderdaad zo dat deze ‘echte’ ouderen relatief meer vertrouwen hebben in de overheid en instituten dan jongere ouderen.

Maar de jongere ouderen komen duidelijk meer in opstand en staan kritischer tegenover het regeringsbeleid. Het is te verwachten dat deze tendens zal doorzetten en met de toenemende vergrijzing sterker zal worden. Daar zal in de toekomst bij beleidsontwikkeling rekening mee gehouden moeten worden.

3) Ouderen hebben veel vertrouwen in de brandweer en de huisartsen. Hoe ouder men is hoe meer men vertrouwen heeft in de politie, rechters, huisartsen, thuiszorg, medische specialisten, zorgverzekeraars, belastingdienst en de sociale dienst.

De cijfers bevestigen dat de ‘echte’ ouderen meer vertrouwen hebben in traditionele instituten. Vooral de brandweer heeft een goed imago. De mate van vertrouwen in de verscheidene groeperingen vertoont vrij grote regionale verschillen.

4) Ouderen zijn niet tevreden over het regeringsbeleid. Vooral het beleid voor criminaliteit, integratie en immigratie, openbare veiligheid en de relatie burger- overheid wordt als slecht beoordeeld.

De gegevens laten zien dat ouderen veiligheid in de samenleving heel belangrijk vinden. Deze veiligheid wordt door ouderen ook in verbinding gebracht met de integratie van allochtonen. Verder laat slechte beoordeling van de relatie burger-overheid zien dat de ouderen er behoefte aan hebben dat de overheid beter naar hen luistert.

5) Volgens ouderen zou het regeringsbeleid zich meer moeten richten op het bestrijden van de criminaliteit, betere ouderenzorg, bestrijding topinkomens, verbeteren normen en waarden en wachttijden in de zorg.

Wat ouderen belangrijk vinden heeft voor een groot deel betrekking op wat hen zelf direct aangaat, zoals de verbetering van de zorg en bestrijding van criminaliteit.

Maar ouderen hechten ook aan het handhaven van rechtvaardigheid in de samenleving wat blijkt uit hun opvattingen over het bestrijden van topinkomens en het verbeteren van normen en waarden. Deze aspecten hebben indirect ook te maken met de behoefte aan een ‘veilige’ samenleving. De veilige samenleving is een cruciaal punt voor ouderen.

Opvallend is dat ouderen met een lagere opleiding sterker het gevoel hebben dat de regering iets moet doen aan criminaliteit, veiligheid en immigratie. Waarschijnlijk komt dat omdat zij in hun woonomgeving meer problemen tegenkomen die hier mee te maken hebben.

6) Volgens ouderen zou het regeringsbeleid, met betrekking tot vergrijzing, zich meer moeten richten op meer personeel in de zorg, goed openbaar vervoer, thuiszorg versterken, verbeteren van de kwaliteit van de zorg die nodig is voor de gezondheid van ouderen en het investeren in een prettige en veilige woonomgeving voor ouderen.

De drie hoofdpunten die ouderen belangrijk vinden en waaraan juist in een vergrijzende samenleving veel aandacht voor zou moeten zijn is een goede gezondheidszorg, mobiliteit en een goede woonomgeving, Aandachtspunten van ouderen met betrekking tot de vergrijzing en het regeringsbeleid richten zich vooral op het openbaar vervoer, de zorg en de veilige woonomgeving.

7) Aan de overheidscommunicatie valt volgens de ouderen veel te verbeteren. Bij alle vragen zaten de ouderen meer aan de negatieve dan aan de positieve kant. De drie punten zwakste punten in de overheidscommunicatie zijn: niet openstaan voor ideeën, laat reageren op vragen en commentaren, weinig betrekken van ouderen bij het maken van plannen.

Er is dus nog een hele wereld te winnen voor de overheid. Betere communicatie met ouderen is een punt waar de overheid veel meer aandacht aan zal moeten besteden.

Dat geldt niet alleen voor de nationale overheid maar ook voor gemeentes en provincies.

Ouderen willen meer inspraak in het overheidsbeleid. Deze boodschap moet de overheid ter harte nemen.

Bovenstaande resultaten van het onderzoek uit zijn gratis beschikbaar voor iedereen die interesse heeft in de mening van de senioren in Nederland.

Om een goed beeld te krijgen van de mening van ouderen over vele facetten van het leven is een breed scala aan (gevalideerde) vragenlijsten opgenomen in de Barometer. De onderwerpen op een rij:

Kijk op de maatschappij; intergenerationele solidariteit; ervaringen met WMO, overheid en gemeente; wonen en woonomgeving; eenzaamheid; Zin van het Leven; het ervaren van emoties; Kwaliteit van Leven en gezondheidstoestand; zorgbehoefte; ontwikkelingen in de gezondheidszorg; persoonlijkheid; werk en pensioen; vrijetijdsbesteding en mediagebruik.

De complete vragenlijst van de Nationale Senioren Barometer is samengesteld door een achttal wetenschappers van de Sociale Faculteit van de Universiteit van Tilburg. Het gaat hier om de volgende personen:

  • Prof.dr. Rene Schalk (onderzoeksleider)
  • Prof. dr. Guus van Heck
  • Prof.dr. Ad Vingerhoets
  • Dr. Marcel van Assen
  • Dr. Annelies Aquarius
  • Dr. Deirdre Beneken genaamd Kolmer
  • Dr. Peter van der Berg
  • Dr. P.L. Curseu
  • Dr. Katrien Luijkx

In 2008 heeft de eerste Barometer plaatsgevonden en de editie van 2009 heeft in december 2009 plaatsgevonden. Met de Nationale Senioren Barometer wordt in kaart gebracht hoe senioren in Nederland daadwerkelijk in het leven staan, hoe zij naar onze maatschappij kijkt en hoe zij denken over vele verschillende actuele onderwerpen.

Afgelopen jaar hebben meer dan 45 verschillende organisaties die zich met hun activiteiten richten op (o.a.) seniorenhun achterban, leden of klanten opgeroepen om mee te doen aan dit onderzoek. Mede hierdoor is de Barometer uit 2009 een groot succes geworden. Meer dan 2700 senioren uit heel Nederland deden mee.

Lees hier meer over:

de achtergrond van de Nationale Senioren Barometer.

 

 

Klik hier om iemand anders te informeren over deze website ....

 

[+]
  • narrow screen resolution
  • wide screen resolution
  • fresh color
  • warm color